Training

Sneller bochten rijden in 6 oefeningen

Hoe is jouw bochtentechniek? Lig je na een bocht direct op achterstand en moet je steeds hard bijsprinten om weer bij de groep te komen? Dan is het de moeite waard om eens te werken aan je bochtentechniek.

Goed door bochten kunnen rijden is enorm belangrijk voor het kunnen vasthouden van je snelheid. Tijdens de ploegentijdritwedstrijd Red Bull Kop over Kop ondervond ik dit aan den lijve. Je bespaart gewoon enorm veel energie.

Ik ben daarom erg geïnteresseerd in tips die mij kunnen helpen om mijn bochtentechniek te verbeteren. Als ik van de KNWU het aanbod krijg om mee te doen aan een bochtentraining als onderdeel van het lesprogramma Join the Race, zeg ik dan ook geen nee.

Join the race

Join the Race is door de KNWU ontwikkeld voor recreatieve fietsers zoals ik, die technische vaardigheden willen opdoen of overwegen wedstrijden te gaan rijden. Je hoeft niet aangesloten te zijn bij een vereniging om mee te mogen doen. De trainingen gaan onder meer over rijden in een peloton, balans, obstakels vermijden, bochten rijden en sprinten.

Bochten rijden: ideale lijn

Trainer Arnold Heemskerk legt de theorie van bochten rijden uit. Foto: Tim Buitenhuis.

Bochten rijden: de belangrijkste tips

Op een woensdagavond in juni meld ik mij om 19.00 uur op het parcours van Wielervereniging Eemland in Amersfoort voor de bochtentraining. Een groepje fietsers staat al te wachten. Het is een gemêleerd gezelschap, zie ik al snel. Zo’n tien mannen en vier vrouwen in een mix van tenues. Ik ben niet zenuwachtig: het is geen wedstrijd en ik kom hier om te leren. De anderen ook.

Onze trainer is Arnold Heemskerk. Hij neemt ons mee het clubhuis in voor een stuk theorie. Kort samengevat krijgen we de volgende tips:

  • Buiten-binnen-buiten. Rijd de ideale lijn.
  • Doorkijken. Kijk naar het punt waar je uit wilt komen.
  • Benen stil. Binnenpedaal omhoog, buitenpedaal omlaag, druk op het buitenpedaal.
  • Handen in de beugel. Houd je romp laag.
  • Schouder naar buiten, binnenbeen tegen het frame.
  • Aanzetten na de bocht.
Join the Race, technische fietstraining

De ideale lijn, doorkijken, benen stil… Trainer Arnold geeft ons de belangrijkste tips. Foto: Tim Buitenhuis.

Praktijkoefeningen

Na de theorie stappen we op de racefiets voor een reeks oefeningen in de praktijk. Een paar van deze oefeningen deel ik, met toestemming van de KNWU, graag met je. Natuurlijk weegt dit niet op tegen een training onder toeziend oog van een ervaren trainer. Wil je het echt goed leren, kijk dan eens naar het programma Join the Race.

Oefening 1: Kijk waar je heen gaat

Slalom eens tussen een reeks pionnetjes of krijtmarkeringen op de weg. Kijk niet per bochtje naar de pionnen of het asfalt ertussen, maar blijf vooruit kijken naar het punt waar je uit wilt komen. Ofwel: voorbij de laatste pion! Je zult merken dat het prima lukt om de pionnen te ontwijken, ook al kijk je over ze heen.

Clou van de oefening: kijk naar het punt waar je heen wilt gaan. Dus niet naar je voorwiel, de meters vlak vóór je of de vangrail. Heel belangrijk bij bochten rijden, zeker in een afdaling.

Bochtentraining KNWU

Oefening: slalommen terwijl je blijft kijken naar waar je heen gaat. Foto: Tim Buitenhuis.

Oefening 2: Oefen de ideale lijn

Zoek een mooie, rustige bocht op, liefst op een lege parkeerplaats waar je gemakkelijk rondjes kunt rijden zodat je keer op keer de bocht opnieuw kunt oefenen.

Oefen hier ‘de ideale lijn’. Houd het principe ‘buiten-binnen-buiten’ aan. Snijd de bocht aan op de buitenkant, op het punt waar die begint te draaien. Rijd vervolgens zo ver mogelijk aan de binnenkant door de bocht. En kom aan de buitenkant weer uit. Uiteraard blijf je op je eigen weghelft, tenzij je op een afgesloten parcours fietst.

Let erop dat je binnenpedaal omhoog en je buitenpedaal naar beneden staat terwijl je door de bocht gaat. Alleen in een echt flauwe bocht kun je door blijven trappen.

Ideale lijn met bochten rijden

De ideale lijn: Buiten-binnen-buiten. Bij kans op tegenliggers gebruik je uiteraard alleen je eigen weghelft. Foto: Bart van Oers.

Oefening 3: handen in de beugels

Blijf de ideale lijn oefenen, dit keer met je handen onderin de beugels. Dit geeft meer stabiliteit en controle doordat je je zwaartepunt verlaagt. Herhaal dit een paar keer. Verhoog ondertussen langzaam, rondje na rondje, je snelheid.

Je mag nu wat meer druk op je buitenpedaal zetten terwijl je de bocht doorgaat. Dit is een manier om je zwaartepunt extra te verlagen voor meer stabiliteit. Je zorgt als het ware voor tegenwicht terwijl je fiets door de toenemende snelheid steeds meer naar binnen gaat hangen.

Bochten rijden met wielrennen

Door je handen in de beugels te houden en druk op het buitenpedaal te zetten, zorg je voor meer stabiliteit. Foto: Tim Buitenhuis

Oefening 4: gebruik je schouders

Dit is misschien even wennen. Probeer, terwijl je de bocht steeds sneller doorgaat, niet mee te gaan hangen. Let er dus op dat je binnenschouder niet laag is. Breng in plaats daarvan jouw schouder juist iets naar buiten. Dit betekent dat je buitenschouder eerder laag zal zijn (overdrijf dit niet), net als je buitenbeen (ezelsbruggetje: buitenbeen laag, buitenschouder laag). Daardoor blijf je makkelijker in balans.

Oefening 5: romp kantelen, zitvlak van het zadel

Bij oefening 2 ging je met je handen onderin de beugels en verlaagde je zo je zwaartepunt. Nu gaan we een stapje verder. Breng je zitvlak een klein stukje van het zadel en kantel je romp ver omlaag. Kijk laag over de weg, over je stuur heen, vooruit naar het punt waar je uit wilt komen. Je hoofd houd je ondertussen rechtop.

Bochten rijden: tegensturen

Door tegen te sturen, kun je scherper de bocht doorgaan zonder te remmen. Foto: Tim Buitenhuis

Oefening 6: Nog meer tegendruk

Bij oefening 4 gaf je tegendruk, door druk te zetten op je buitenpedaal. Dit kun je nog een stap verder doorvoeren. Voer de snelheid voorzichtig wat op. Je racefiets gaat nog meer naar binnen hangen.

Duw je racefiets naar binnen met de dij van je buitenbeen. Gelijktijdig blijf je druk houden op het buitenpedaal. Leg ondertussen de knie van je binnenbeen tegen het frame.  Op deze manier kun je nog scherper de bocht doorrijden zonder te remmen.

Oefen dit terwijl je de snelheid rondje voor rondje opvoert. Houd wel je grenzen in de gaten. Het moet veilig blijven voelen.

Tijdens de training voelde deze techniek voor mij als tegenhangen. Maar dat is het niet. Arnold: “Je lichaam blijft recht op de fiets, de hellingshoek blijft hetzelfde. De snelheid waarmee je een bocht kunt nemen kun je wel beïnvloeden door de positie op de fiets, bijvoorbeeld wat meer druk zetten op het voorwiel door jezelf kleiner te maken, maar je zit altijd nagenoeg recht op de fiets.”

Wielerparcours les

Join the Race: erg leerzaam en leuk om aan mee te doen. Foto: Tim Buitenhuis

Meedoen met Join the Race

Ik ben heel enthousiast over de bochtentraining van Join the Race. Ik heb nooit eerder een wielertraining of -workshop gevolgd dus dit was nieuw voor mij. Het was leuk om doelgericht bezig te zijn met fietsen. De bevlogenheid van trainer Arnold vond ik geweldig. Na afloop ontving ik van Join the Race een heldere samenvatting van de lesstof en een goede instructievideo.

In augustus en september 2018 starten nieuwe trainingsreeksen van Join the Race op diverse locaties in Nederland. Het programma bestaat uit zes technische lessen. Ik wil me aanmelden voor de lessen in Valkenswaard. Ben je ook geïnteresseerd? Kijk waar bij jou in de buurt de trainingen plaatsvinden op Jointherace.nl.

Volg deze blog©Zijwielrent.nl

Over de auteur

Janneke Scheepers

Janneke Scheepers

Leuk dat je komt kijken! Ik ben Janneke Scheepers, in 2007 begonnen met wielrennen. De sport heeft mijn leven verrijkt en daar vertel ik graag over. Daarom ben ik de website Zijwielrent.nl gestart. Met mijn verhalen wil ik laten zien hoe geweldig het is om te wielrennen, of je nou fietst ter ontspanning of heel fanatiek bent. Ik vind het leuk als je reageert op mijn artikelen. Laat weten wat je denkt!

13 Reacties

  • Goed verhaal Janneke! Wellicht voor mij ook erg nuttig, die Jointherace-trainingen. Ik denk dat zulke oefeningen waarbij basistechnieken worden aangepakt kunnen helpen om mijn zelfvertrouwen weer beetje bij beetje te hervinden…

    • Hoi Inge, dat was precies wat dit trainingsprogramma wil bereiken, legde trainer Arnold Heemskerk me uit: vertrouwen geven. “Vertrouwen in jezelf en in je fiets. Vertrouwen in een groep, dat je goed de bocht kunt aansnijden en goed op de fiets zit.” Ik vond het erg waardevol om mee te doen en zou het zeker aanraden.

  • Hallo Janneke,

    Weer een mooi artikel en ook nuttig, mijn vrouw Baukje is afgelopen winter ook gaan (race) fietsen. Je ziet inderdaad de onzekerheid en soms angst die ze doorstaat. Wellicht dat er een cursus bij ons in het Zuiden komt? Ik heb in ieder geval de KNWU hierna gevraagd.

    Ga zo door met je blog, altijd interresant, Groeten Eugene

  • Super interessant dit Janneke. Ik fiets al een tijdje, steeds wat fanatieker, maar heb nog nooit geleerd hoe fietsen nu eigenlijk echt hoort, technisch gezien dan. En die bochten…ja, dat blijft toch wel een dingetje. Denk er sterk aan me aan te melden voor de sessie in Valkenswaard.

  • Dag Janneke, leuk van je te lezen, dat de trainingen van Join the Race zo bevallen. Ik ben als docent/ontwikkelaar (sportopleider) de geestelijk vader van deze trainingen. Ik heb voor de KNWU dit programma gemaakt en de trainingen uitgeschreven voor de club-trainers die JtR uitvoeren bij de wielervereniging. De inhoud van de bochtentraining komt mij dan ook meer dan bekend voor. Het programma is bedoelt om je op deelname aan een eerste trainingswedstrijd voor te bereiden. Verder ben ik o.a. docent op de opleidingen wielertrainer en verzorg ik ook clinics “bochtentechniek” en “groepsrijden”. Deelname aan Join the Race kan ik dus van harte aanbevelen. Groet en veel fietsplezier, Michel Schoenmaker (Cycling Consult)

  • Mooi verhaal, Janneke. Het is altijd goed om je techniek te verbeteren onder deskundige leiding. één ding in het verhaal begrijp ik niet helemaal: het tegenhangen in de bocht. Wat is daar het voordeel van? Als je fiets platter door de bocht gaat, is er minder loopvlak op de weg en heb je minder grip, en zou je kunnen gaan glijden. Ik had vroeger een KNWU licentie, ik ging aardig door de bochten, maar altijd met mijn lichaam recht ten opzichte van de fiets. Ik rij ook motor, als je op het circuit rijdt leer je ook allerlei bochtentechniek, waarvan een groot deel overeenkomt met wat jij zegt. Bijvoorbeeld, “je fiets gaat daarnaartoe waar jij kijkt”. Alleen het mee- c.q. tegenhangen werkt anders: met tegenhangen wordt de draaicirkel van je motor kleiner, maar dat speelt bij je fiets nauwelijks een rol. Je hangt mee op de motor om ‘m rechtop te houden en niet met de voetsteunen de straat te raken. Dat speelt met een fiets ook geen rol, mits je de juiste voet beneden houdt.
    Mijn vraag is dus, als je normaal op je fiets blijft zitten in de bocht, precies met dezelfde hellingshoek als je fiets, dan heb je volgens mij je fiets beter onder controle. Maar ik zie vast iets over het hoofd 🙂

  • Hoi Christine,
    Mag ik reageren op jouw reactie. Ik lees dat je spreekt over tegenhangen in de bocht. Dat begrijp ik niet helemaal, daar is namelijk niet over gesproken. Juist de strekking van de rest van jouw reactie is waar het om gaat. Het zwaartepunt dient zogezegd op de fiets te zijn. Er is tijdens de training niet geoefend in tegenhangen zoals op de motor. Zelf rijd ik ook motor en heb een beroeps opleiding motorrijden gehad. Niet te vergelijken met een racefiets. Inderdaad lichaam recht op de fiets, dezelfde hellingshoek dus. De snelheid waarmee je een bocht kunt nemen kun je wel beïnvloeden door de positie op de fiets, bijv. wat meer druk zetten op het voorwiel door jezelf kleiner te maken, maar je zit altijd nagenoeg recht op de fiets. Bij motorrijden gebruik je ook een been in de bocht, zie ik zelfs bij wielrenners. Ook gisteren in de tour zag ik renners met een been naar buiten alsof ze op de motor zaten. Eigenlijk is dat niet nodig als je de juiste positie hebt op de fiets, sterker nog je hebt meer controle over de fiets als je het been tegen de bovenste buis aanduwt en vooral goed kijkt (net als op de motor) waar je naar toe wilt gaan.

    • Beste Arnold, motorrijden is inderdaad een heel ander verhaal. Daar is 70% van het totale gewicht motor en 30 % motorrijder. Bij fietsen is 70 % van het totale gewicht renner en 30 % fiets. Verder speelt de centrifugaalkracht en het gyroscopisch effect van de veel zwaardere motorwielen hier een andere belangrijke rol. Daarnaast kan een motor in de tweede fase van een bocht snelheid handhaven en zelf opvoeren.

  • Dag Christine. Het naar de buitenbocht neigen met de schouder-as is bedoeld om het lichaamszwaartepunt meer terug te krijgen boven en steunvlak (dunne lijn tussen de punten waar voor- en achterwiel het asfalt raken). Het verder het lichaamszwaartepunt in deze fase van de bocht af is van het steunvlek; hoe eerder je onderuit glijd.Vergelijk het met skiën; “in het dal kijken”. Skiers noemen het de “korperknick”. Let wel; dit speelt in een vlakke bocht waar je in de tweede fase niet meer kunt trappen en dus snelheid inlevert. De knie aan de binnenkant tegen de bovenbuis helpt hier ook nog eens aan mee. Tourrenners zie je wel eens met “uitgeklapte knie” maar dat is veelal in een afdaling waar in fase 2 de snelheid geneigd is gelijk te blijven c.q. op te lopen.

  • Bedankt Christine, Arnold en Michel voor jullie belangstellende reacties en de deskundige uitleg. Interessante materie, dit! Het naar de buitenbocht neigen met de schouder-as, zoals jij het omschrijft Michel, voelde voor mij tijdens de training als tegenhangen. Terwijl je lichaam in werkelijkheid recht op de fiets blijft. Om dit te verduidelijken, heb ik het artikel aangepast en de uitleg van Arnold, hij deze hierboven in zijn reactie heeft geschreven, opgenomen in het artikel.

    • Dag Janneke, ja het is interessante materie. Dat tegen hangen voelt inderdaad tegenstrijdig. Net als dat je bij skiën naar het dal moet leunen; ook tegenstrijdig. Er is trouwens nog veel meer te vertellen over bochten. Maar dan wordt het hier meer een vak-site. Waar het om gaat is dat je door het toepassen van de tips de regie hebt over de fiets i.p.v. andersom. Veel fietsplezier!!

  • Recht tov je fiets, dat is ook mijn ervaring. Omdat je zelf het gewicht bent, en de fiets maar weinig meetelt. Dan heb je ook de meeste controle. Of je dieper buigt of juist niet zou ook niet uit moeten maken, in ieder geval niet voor de hellingshoek.

    Ik vind wel dat er overeenkomsten zijn met motorrijden. Ik heb pas leren motorrijden nadat ik lang gefietst had, en de bochten voelden gelijk best wel vertrouwd. Snelle bochten op de fiets vind ik moeilijker, omdat je minder grip hebt en dus minder plat kunt gaan.

Laat een reactie achter

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.