Nachten doorfietsen en toch intens genieten: Lotte (23) vertelt over ultra cycling
De drieëntwintigjarige Lotte uit Didam reed in de afgelopen twee jaar vijf ultra-races, waaronder de uitdaging die al lang op haar lijstje stond; Badlands. We spraken met haar over haar ervaringen: doorfietsen in de nacht, mentale uitdagingen, het sociale stuk rondom ultra’s rijden en het verleggen van grenzen.
Hoe ben je begonnen met fietsen?
‘Het begon bij mij met skeeleren. Toen vond ik het al leuk om langere afstanden te skeeleren. Ik zag dat alle schaatsers in de zomer gaan fietsen, en toen besloot ik ook een racefiets te kopen. Nu fiets ik alleen nog maar.’
En toen dacht je; nu wil ik met de fiets lange afstanden gaan rijden?
‘Al toen ik de skeeler speciaalzaak voor het eerst binnenkwam, zei ik dat ik ooit eens 100 kilometer wilde skeeleren. De eigenaar van die zaak vertelde mij later over 24 Kika, een skeeler event waarbij je 24 uur moet skeeleren. Daar heb ik toen aan meegedaan. Later, toen ik mijn fiets al had, organiseerde hij de Heavens Ride; 400 km fietsen. Daar deed ik toen aan mee. In die periode reed ik al vaker eens 200 kilometer ritten. Ik vond dat heel tof, maar van de hele ‘ultra-wereld’ wist ik eigenlijk nog helemaal niet af.’
Hoe ontdekte je die wereld?
Ik zag steeds meer mensen om mij heen met gravelbikes en op Instagram volgde ik Martijn van Strien (@Fernwee) die de ultra Badlands reed. Ik dacht: ‘Holy moly, dat is vet!’ Maar voor mijzelf leek dat voor nu onmogelijk. Ook de locatie (Zuid Spanje) maakte het allemaal lastig in mijn hoofd. Wel dacht ik: ‘ik moet gewoon een gravelbike hebben.’ Het jaar erop zag ik opnieuw beelden van de deelname van Martijn aan Badlands en toen wilde ik het zo graag, dat ik me gewoon heb ingeschreven.’
Het gaat me niet zo zeer om het finishen maar meer om de hele bubbel van de ultra zelf. Dat onderweg zijn vind ik het mooiste.’

Gaaf! En dan komt de voorbereiding, hoe heb je dat aangepakt?
‘Ik train niet echt volgens een plan eigenlijk. Ik fiets vooral wanneer ik zin heb en tijd heb. Met mooi weer is dat dan vaak wel een 200 kilometer rit. Wel bedacht ik me dat een eerste ultra in Spanje misschien niet slim was. Toen de nieuwe ultra Utrecht Ultra (1000 km) op mijn pad kwam besloot ik eerst daar aan deel te nemen als voorbereiding op Badlands.
De eerste ultra: Utrecht Ultra (1000 km)
Utrecht Ultra was dus je eerste echte ultra. Hoe ging dat?
‘Het was echt slecht weer en dat maakte het mentaal zwaar. We startten om 6 uur in de avond en ‘s nachts ging het regenen. Eenmaal in Limburg was ik hartstikke koud en doorweekt. Uiteindelijk heb ik midden op de dag een hotel gepakt om een uurtje te slapen en te douchen. Daarna wilde ik echt niet meer terug de regen en kou in, maar opgeven was geen optie. Gelukkig kwam ik snel een andere renner tegen waarmee ik even kon kletsen. Hij had een hotel geboekt voor die nacht en ik besloot zijn plan te volgen. Na een goede nacht slapen ben ik de dag erna met beter weer in één keer doorgefietst. Uiteindelijk plaatste ik me als tweede vrouw.’
Tweede vrouw, wat knap! Hoe voelt dat dan als je over de finish rijdt na je eerste Ultra?
‘Ik dacht: ‘lekker, afgevinkt!’ Maar ik ben dan niet per se heel trots of met de plaatsing bezig. Het gaat me niet zo zeer om het finishen maar meer om de hele bubbel van de ultra zelf. Dat onderweg zijn vind ik het mooiste.’


Badlands in Spanje: Lotte’s ultra droom
Toen kwam Badlands, een ultra waar je verwachtingen van had en al heel lang naar uitkeek. Klopten jouw verwachtingen?
‘Het feit dat ik voor het eerst zo lang in mijn eentje naar het buitenland ging – en helemaal naar Zuid Spanje – vond ik al heel tof. De dagen voor de start waren heel sociaal: ik kende al een paar deelnemers vanuit Nederland en er werd een social ride georganiseerd. Het deelnemersveld was trouwens heel gevarieerd; man, vrouw, jong en oud lopen er allemaal rond. Iedereen zat samen in een groepsapp waar veel in werd gechat. Bijvoorbeeld om ergens een drankje te gaan doen. Het hele totaalplaatje was meteen echt nog leuker dan verwacht.
Bij de briefing hoorden we dat het erg slecht weer werd en dat een stuk door de rivierbedding in de woestijn uit de route werd gehaald. Balen, want ik had juist voorbereid op warm en droog weer. Ik wilde zelfs niet starten als het echt gevaarlijk zou worden. Want de beleving in de dagen voorafgaand waren al zo enorm leuk, dat ik dat zou accepteren. Maar uiteindelijk viel het weer gelukkig enorm mee.’
Het mooiste is dat ik de dag erop een mede ‘not finisher’ ergens met de auto heb opgepikt, en dat klikte zo goed dat we nu zelfs een relatie hebben.
Je had nu al een ultra gereden, hielp dat om fysiek en mentaal sterk te blijven tijdens Badlands?
Ja, ik had wel geleerd dat ik gewoon moest slapen of rusten als ik er even klaar mee was. Maar het was nu veel minder koud en de omgeving was heel mooi. Daarnaast had ik een doel gesteld: we vertrokken op zondag en op woensdag wilde ik finishen, dus bij de finish had ik alvast een hotelkamer geboekt als motivatie. Ik fiets niet per sé snel maar ik blijf wel consistent doorfietsen. De eerste nacht reed ik door maar de tweede nacht ben ik gaan slapen. Ik wilde eerst doorfietsen maar rond 11 uur kwam ik in een klein dorpje iemand tegen die ik al kende. Toen hebben we samen een appartement kunnen regelen om te slapen. Na vijf uurtjes slapen gingen we weer de fiets op. Dat soort contactmomenten maken het wel echt voor mij! Dat samen dingen regelen kan overigens wel een beetje in de midden- en achtermoot, maar als je hoger wilt finishen mag je elkaar eigenlijk niet helpen. Daar wordt ook wel echt op gelet vanuit de organisatie.
Van twee ultra’s in 2023, naar drie in 2024…
We maken even een sprong naar afgelopen jaar. Je reed The Alps Ultracycling Adventure, Basajaun en Liège-Paris-Liège. Waren deze ervaringen soortgelijk aan Badlands?
Bij The Alps had ik het echt zwaar. Ik begon me toen ook echt af te vragen waarom ik dit nou doe. Ik moest veel lopen; de paden leken soms onmogelijk. Ik ben toen wel gefinisht. Daarna kwam Basajaun en daar had ik wel veel vertrouwen in na het afzien bij The Alps. Maar helaas: 10 kilometer in de race werd ik ongesteld en daar was ik helemaal niet op voorbereid. Ik voelde me fysiek en mentaal niet goed, was moe, had hoofdpijn. Gelukkig kwam ik iemand tegen waarmee ik een dag en een nacht heb opgetrokken. Hij had mechanische problemen, ik voelde me niet goed. Toen zijn we er uiteindelijk samen mee gestopt. Daar had ik toen ook echt vrede mee. Het mooiste is dat ik de dag erop een mede ‘not finisher’ ergens met de auto heb opgepikt, en dat klikte zo goed dat we nu zelfs een relatie hebben. Spijt kan ik er dus niet van hebben!’



Uit je verhalen blijkt wel dat de ultra’s zwaar zijn, toch geniet je er ook van. Wat maakt het rijden van een ultra zo mooi voor jou?
Mensen ontmoeten, de hele community, en het delen van mooie gesprekken met elkaar. Bijvoorbeeld The Alps had maar een klein aantal deelnemers, en daardoor voelde het echt als een familie. Het voelt altijd weer stom om na afloop weer afscheid te nemen van iedereen. Maar sommige contacten blijven ook wel. Of je ziet elkaar weer tijdens een andere ultra. De mooiste momenten zijn dus de sociale momenten, maar daarnaast ook dat je jezelf blijft verbazen.
In 2023 twee ultra’s, dit jaar drie. Rijd je er volgend jaar dan vier?
Haha, nee hoor. Alleen Basajaun staat weer op de planning. Waarom die? Nou, omdat het heel mooi was en het voelt als een onafgemaakte zaak doordat ik niet was gefinisht. Ik ben nog even druk met mijn studie en drie ultra’s dit jaar was wel een beetje te veel. Je bent niet onsterfelijk, heb ik nu wel gemerkt. Er moet ook wel een keer een rem op zitten. Verder blijf ik lekker doorgaan met zelf lange ritten fietsen wanneer het mooi weer is, of als ik gewoon zin heb.
Tips voor de twijfelaars?
Wat moet je kunnen om een ultra te rijden?
Veel doorzettingsvermogen en een goed probleemoplossend vermogen hebben is echt belangrijk. Het is vaak wel echt een beetje uitzichtloos door moeten gaan. Ik denk dat je fysiek niet een super goed hoeft te zijn, want ik fiets zelf bijvoorbeeld wel lang door maar echt niet hard. Het moet vooral goed zitten in ‘het koppie’. Of je dat kunt trainen? Hmm, door gewoon met slecht weer of tegenzin wel te gaan fietsen train je jezelf mentaal denk ik wel. Maar het moet wel ook echt in je zitten.
Heb je een tip voor vrouwen die nog twijfelen om zich aan te melden?
Gewoon doen! Of begin klein, ga samen met iemand een langere rit rijden zonder bij een event in te schrijven. En wanneer je een ultra in het buitenland rijdt kun je er aan denken om iemand mee te nemen. Dat kan ook een vriend of familielid zijn die niet fietst en bij de start of finishlocatie verblijft. Dan is er toch altijd iemand ‘in de buurt’.

